Annette: Het leed dat punctie heet.

Annette, trotse moeder van féline, raakte zwanger na een ivf-icsi traject. Ze neemt ons mee in haar verhaal. Haar vorige blog gemist? Hier lees je hem terug.

Nog nooit was ik zo blij dat ik ongesteld werd: nu konden we dan echt beginnen! Op de eerste dag van de menstruatie mochten we bellen naar het ziekenhuis om op de 8e dag van de cyclus een afspraak te maken. Deze afspraak is om te zien of er al een zogenaamd dominant eitje (‘eitje van de maand’) is. Dat is het geval wanneer het eitje (of eigenlijk: follikel) ten minste 14mm is. Als dat het geval is, mag ik beginnen met spuiten! Oja, waarom was ik daar ook alweer blij mee? Ik heb zo’n hekel aan spuiten! Gruwel er echt van! Dus ik hoopte echt dat ik het zelf zou kunnen. Zo niet, dan zou ik voor elke spuit weer naar het ziekenhuis moeten en dat is natuurlijk super onhandig.

Goed, op de achtste dag dus naar de fertiliteitskliniek voor een eerste echo. Een inwendige echo inderdaad, want van buiten kun je zo’n eitje natuurlijk nooit vinden. Medicatie mee in de koeltas want mocht er al een eitje zijn van 14mm dan zou ik direct een spuit-instructie krijgen. En die was er! Wouw! Eens een meevaller, erg fijn. Dus direct de spuit erin. Brr. Maar het lukte! Helemaal zelf gedaan en zo eng vond ik het niet eens! Een hele overwinning voor mezelf. Voor de komende dagen kreeg ik een schema mee van hoeveel eenheden van welke medicatie op welke momenten van de dag gespoten moesten worden. Dat kwam heel precies: er moest exact 24u tussen elke spuit zitten. En als tegen mij – pietjeprecies – wordt gezegd dat iets precies moet, dan moet dat bij mij bijna dwangmatig ook precies. Elke ochtend zaten we daar dan met z’n tweetjes met de handleidingen en alle spullen. Een mini-drugs-lab in je hobbykamer. Op de craft-mat die eronder ligt staat ‘create good stuff’. Nou, daar doen we het voor.

De ene spuit was simpel: draaien op de juiste hoeveelheid en spuiten. De andere moesten we echter nog zelf mengen met vloeistof, zelf in de spuit zuigen en dan injecteren. En datspuiten mag dan weer niet op dezelfde plek als gister want dat schijnt niet goed te zijn voor de opname. Ik tekende dus maar streepjes op mijn buik om te ‘onthouden’ waar ik de vorige dag had geprikt. 

Twee dagen later mochten we ons weer melden voor een volgende echo om te zien hoe de groei van het eitje vorderde. Dit keer gaan we voor de 18mm! Maar helaas, dat was nog niet het geval. Dus nog een dag doorspuiten en de volgende ochtend weer een echo. Het is inmiddels donderdag en gelukkig was hij toen wel groot genoeg. Dus bloedprikken (LH mag nog niet te hoog zijn) en de punctie werd ingepland op zaterdag in Groningen. 34 uur voor de punctie moet ik nog een pregnyl spuit. Deze schijnt wel aardig naar te zijn, dus ik wilde die toch graag door een professional laten doen. Dat betekende dat we donderdagavond om 23u naar het ziekenhuis gingen om ons te melden op de kraamafdeling. We meldden dat ik om 23u (P-R-E-C-I-E-S-!!-!!) die spuit moest hebben, maar zo’n haast hadden ze niet. Natuurlijk komt dat niet op een paar minuten aan, maargoed, bij mij wel. Een beetje onrustig werd ik er dus wel van dat zij het niet zo heel precies namen. Uiteindelijk viel het mee en zat de spuit er redelijk op tijd in. En deze was inderdaad wel heel vervelend. Hij deed gewoon zeer en toen ik op wilde staan deed het nog meer zeer. Even blijven liggen dus en toen naar huis lekker in bed. Verder hoefden we tot de punctie nu niets meer te doen.

En toen de punctie. Een half uur voor de punctie is Edwin aan de beurt. Hij krijgt een hokje toegewezen waar hij zijn zaad mag ‘produceren’ terwijl ik in de wachtkamer zat te wachten. Ook wel rukbunker genoemd. Vreselijk vond ik het. In dat halve uur gaan ze dan het mooiste en best zwemmende zaadje eruit halen zodat die zodra mijn eitje eruit is, direct in het eitje gebracht kan worden. Toen was het mijn beurt. We werden meegenomen naar een soort van halve-OK waar onze gegevens nog eens door vier ogen gecontroleerd werden. We willen straks natuurlijk wel een kind van ons en niet van een ander! Dus better safe than sorry. Ik mag mij uitkleden en plaatsnemen op de stoel en word afgedekt. Eerst wordt alles even schoongespoeld en dan kijken ze eerst met een echo of het eitje er inderdaad nog zit en niet net gesprongen is. Gelukkig was dat het geval: hij was er nog. Dan gaan we nu over tot de punctie.

Omdat wij kozen voor een traject op eigen cyclus (gemodificeerde natuurlijke cyclus; zie vorige blog) hoeft er maar 1 eitje geoogst te worden en word je dus (?!) niet verdoofd. Bij een hyperstimulatie moeten er meerdere eitjes geoogst worden en word je wel verdoofd. Dan moeten ze immers ongeveer 5 tot 10 keer prikken. Bij 1 zou het maar eventjes pijn doen bij het aanprikken en voordat je goed en wel de pijn voelt is dat ook alweer klaar. Je voelt ‘m al aankomen: dat bleef uiteraard in mijn geval niet bij één prikje. Het aanprikken van de follikel lukte maar niet.. de dame die de handelingen verrichtte nam ons ook geheel mee in haar problematiek: ‘goh hij is wel stug’, ‘ja sorry ik kom er niet goed in’. Doe gewoon je ding en hou je mond! Alsjeblieft! Dat het niet lukte had ik ook wel in de gaten: ik verging van de pijn, wat een ellende. Als hoogtepunt wist ze ook nog op me te foeteren, ik ‘moet wel stil blijven liggen want ik zit hier met een enorme naald dichtbij je slagader’. Oja, goed idee. HOE DAN?! Uiteindelijk ging de broeder die erbij was (en die gelukkig wel heel aardig was) maar bovenop me liggen om me stil te houden. Erg prettig, want met zoveel pijn weet je gewoon echt niet meer hoe stilliggen ook alweer moest. Voor de dames die nog na mij moesten: sorry voor het geschreeuw, ik hoop niet dat ik jullie bang heb gemaakt. Uiteindelijk zat ze na 6 keer prikken dan eindelijk in de follikel en liep deze leeg in de buisjes. ‘Oh het gaat wel langzaam’, ‘nou er komt wel bloed mee’… tjonge, anders nog iets? 

Zodra de follikel leeg is, komt er een mannetje van de kamer ernaast de buisjes ophalen. Je kunt dan op een scherm meekijken wat hij ziet onder zijn microscoop. Want de follikel is nu wel leeg, maar zat er ook een eitje in? En daar ging ze weer: ‘het duurt wel lang’, ‘hij kan het geloof ik niet vinden’, ‘oh nee dit is toch niet het eitje’. En ik hoopte alleen maar uit alle gronden van mijn hart dat deze hel niet voor niets was geweest. Gelukkig verscheen er uiteindelijk een eitje op het scherm: halleluja! En dan is het ook rap weer van het scherm af want ze moeten zo snel mogelijk aan de slag in het lab. Ik mocht me – nog steeds vergaand van de pijn – weer aankleden en kon gelukkig nog even naar een soort van uitrust-kamer om bij te komen met kruidkoek en chocolademelk. 

De volgende dag kon ik alleen maar huilen. En dat heb ik ook gedaan. De hele dag. In bed. Deze ervaring was echt zó naar. Daar komt de onzekerheid bij over wat er nu gaat gebeuren: lukt de bevruchting? Gaat het delen? Maandag tussen 8:30 en 9:30 uur zouden we worden gebeld of de bevruchting en deling zijn gelukt, en of ik dus diezelfde dag mag komen voor een terugplaatsing. Een terugplaatsing stelt niets voor, werd mij verteld. Dus die zondagavond vertrok Edwin toch maar gewoon voor een tweedaagse cursus naar Utrecht. Ik zat dus maandagochtend vergezeld door de katten te wachten op een telefoontje…

 

Leave A Comment

Related Posts